Aanmaning vereist voor omkering bewijslast

Voor omkering van de bewijslast is onder meer vereist dat de belastingplichtige een aanmaning heeft ontvangen. Heeft hij deze niet ontvangen, dan ook geen omkering van de bewijslast.

Een dga heeft verzuimd aangiften IB over de jaren 2011- 2013 in te dienen. De inspecteur heeft de aanmaning verzonden naar het woonadres van de dga, maar deze stelt geen aanmaning te hebben ontvangen. De dga had een adreswijziging doorgegeven en het had de fiscus bekend moeten zijn dat de herinnering voor het doen van aangifte en de aanmaning naar het adres van diens gemachtigde moesten worden verzonden. De inspecteur stelt de aangifte IB 2011 ambtshalve vast en legt tevens een verzuimboete op. Rechtbank Zeeland-West-Brabant volgt de dga in zijn standpunt dat de aanmaning hem niet heeft bereikt. Ook al was deze naar het woonadres van de dga gestuurd, dit was niet het adres dat de dga had doorgegeven. Het hof volgt echter wel de inspecteur. Het hof oordeelt dat de vereiste aangifte niet is gedaan indien vast staat dat de dga is uitgenodigd tot het doen van aangifte en deze vervolgens niet tijdig aangifte heeft gedaan. Het is volgens het hof niet vereist dat de man tevens is aangemaand tot het doen van aangifte. Volgens de Hoge Raad is dit oordeel echter onjuist: het hof heeft miskend dat aanmaning tot het doen van aangifte nodig is voor omkering en verzwaring van de bewijslast.

Bron: HR 14-04-2017, 16/05276 (ECLI:NL:HR: 2017:675)