Wiebes: geen boetegolf na 1 mei 2017

In een Kamerbrief geeft staatssecretaris Wiebes van Financiën een eerste voortgangsrapportage inzake de Wet DBA. In de Kamerbrief gaat de staatssecretaris in op de voortgang rond modelovereenkomsten, de communicatie en de handhaving.

De bewindsman benadrukt in zijn rapportage dat met de Wet DBA alleen de VAR is afgeschaft, verder is alles bij het oude gebleven. Het werken met een modelovereenkomst is ook geen verplichting. Eigenlijk stelt de bewindsman met zoveel woorden dat een modelovereenkomst alleen voor die gevallen waar opdrachtgever en opdrachtnemer twijfelen over de kwalificatie van de arbeidsrelatie een modelovereenkomst zou kunnen worden gebruikt om vooraf zekerheid te bieden. Is er geen twijfel over het werken buiten dienstbetrekking, dan is een modelovereenkomst niet nodig. En is het vrijwel zeker dat er niet buiten dienstbetrekking wordt gewerkt, dan helpt een modelovereenkomst ook niet.

Volgens Wiebes is er in inmiddels een grotendeels dekkend stelsel van modelovereenkomsten ontstaan voor arbeidsrelaties die zich lenen voor werken buiten dienstbetrekking bestaande uit tien algemene modelovereenkomsten en circa vijftig sectorspecifieke overeenkomsten. Daarnaast zijn overeenkomsten voorgelegd door afzonderlijke opdrachtnemers die behoefte hebben aan meer bedrijfsspecifieke modelovereenkomsten. Volgens de staatssecretaris betreft dit vaak overeenkomsten waarbij een algemeen model vaak als basis is gebruikt. De doorlooptijd bij de beoordeling van die individuele modelovereenkomsten is relatief lang, tien weken, maar dat zou komen doordat de staatssecretaris de opdracht heeft gegeven om een afwijzing niet met een simpel ‘nee’ te beantwoorden, maar dat de fiscus daarbij ook aandacht moet geven aan wat er wel zou kunnen en hoe het dan. Aan de beoordeling van de voorgelegde overeenkomsten wordt op dit moment gewerkt door 40 fte. Dit zal worden uitgebreid naar 60 fte.
De bewindsman zegt toe dat er een register zal komen van alle goedgekeurde overeenkomsten. Daarmee kunnen gebruikers van overeenkomsten nagaan of de Belastingdienst een overeenkomst met een bepaald kenmerk heeft goedgekeurd. De geplande realisatiedatum van een eerste versie van het register is 31 oktober a.s. Ook zal de Belastingdienst voor 1 december van dit jaar voor de algemene modelovereenkomsten een ‘bijsluiter’ ontwikkelen om het gebruik van die overeenkomsten te verduidelijken.
Ten aanzien van de handhaving benadrukt Wiebes dat (goedwillende) ondernemers volgend jaar na 1 mei geen boetegolf hoeven te verwachten. ‘Het sanctiebeleid van de Belastingdienst is er nooit op gericht geweest alles digitaal af te straffen wat even buiten de lijntjes steekt - dat is behalve ondoenlijk ook maatschappelijk niet wenselijk’, aldus de staatssecretaris. In geval van goedwillende ondernemers zal de Belastingdienst nadere uitleg geven, eventueel waarschuwen en nadere afspraken maken. ‘En waar de beoordeling van een (model)overeenkomst nog gaande mocht zijn, waardoor nog gerede onzekerheid bestaat, past het de Belastingdienst uiteraard niet om boetes op te leggen. Dat gebeurt dan ook niet,’ aldus Wiebes.
Om eventuele knelpunten en onbedoelde effecten van de Wet DBA te inventariseren zal de Belastingdienst een meldpunt voor opdrachtgevers en opdrachtnemers openen. Samen met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zullen die meldingen worden geanalyseerd.

 

Bron: MvF 19-09-2016, nr. 2016-0000142850